We ontbijten en vertrekken om 8:30u met de auto naar Port Elizabeth. andaag zal met ongeveer 800 km de langste rit worden die we deze reis zullen maken. Martijn rijdt eerst. Het regent een beetje. Al vrij snel komen we bij een grote supermarkt, waar we boodschappen doen. Ook tanken we. Daarna rijden we via Port Shepstone richting Kokstad. Er is een korte, maar lang durende, omleiding door wegwerkzaamheden. We zitten natuurlijk net achter een super langzame vrachtauto en de mogelijkheden om veilig in te halen zijn schaars. Het is frustrerend om nu al zoveel vertraging op te lopen. Uiteindelijk zitten we weer op de "normale" weg. Dit stuk rijden we weer eens door de wolken. Het is bijzonder om op de zijkant van een berg te rijden, halverwege tussen de wolken boven je en de valei beneden je. De wereld lijkt hier een stuk compacter. Van Kokstad moet ik uiteraard een aantal foto’s maken. We rijden er langs, richting Umtata. Op de heenweg reden we tussen Umtata en Port Shepstone een andere route die via Port St. Johns ging. De route die we nu nemen is iets sneller, omdat er net wat minder bochten in de weg zitten. Rond 13:00u stoppen we ergens langs de weg om te lunchen.

Laaghangende bewolking. ©Peter

We rijden langs Kokstad. Ook niet onbelangrijk! ©Peter
Mark rijdt verder. Aan hem is ook de eer om ons voor de tweede keer door Umtata te rijden. Voordeel is nu dat het geen spits is. We observeren weer een aantal bijzondere verkeerssituaties, waaronder paard in wagen en een stapel auto’s op een vrachtwagen. Rond 15:30u stoppen we bij een tankstation, volgens mij in de buurt van Komga (ik heb even geslapen, dus weet het niet zeker).

Paard in wagen. ©Peter

Typische paarsgekleurde bomen die je overal ziet. ©Peter

Doe maar in de aanhanger. ©Peter

Voor het geval we een operatie nodig zouden hebben. ©Peter

Een kerk in Umtata. ©Peter
Ik rijd verder. Het is bijzonder om te zien hoe erg het weer kan verschillen van plaats tot plaats. Als we door East London rijden, komt de zon wat door de wolken en geeft de wegen en het landschap een goudgele kleur. Je kunt al merken dat het tegen het einde van de dag loopt en dat het langzaam begint te schemeren. En dat terwijl we nog ruim 200 km moeten. Meer richting Grahamstown wordt het weer bewolkt en begint het zwaar te regenen. Zo zwaar dat we af en toe onze snelheid flink moeten terugbrengen. Bijna bij Grahamstown rijden we weer door de bergen en wordt het plotseling zo mistig dat we bijna geen hand voor ogen zien. Weer vertraging dus. En als klap op de vuurpijl is de omleiding bij Grahamstown er nog steeds, waardoor we door Grahamstown moeten rijden in plaats van er langs.

Onderweg. ©Martijn
Daarna wordt het weer weer wat beter en rijden we snel door. Het begint nu toch echt donker te worden. Om 19:00u stoppen we bij een tankstation, omdat de tank, die we aan het begin van de dag toch echt vol hadden gegooid, leeg begint te raken. Vanaf hier rijdt Martijn. We zijn al vlakbij Port Elizabeth. In de steden hebben ze wel lantaarnpalen staan, ook op de snelweg. Volgens de routebeschrijving in de reisgids moeten we de afslag naar het centrum nemen, maar deze zien we niet. Tegen de tijd dat we ons realiseren dat we nu toch echt een afslag moeten gaan nemen, zijn we door Port Elizabeth heen en duurt het weer een tijd voordat we bij de volgende afslag zijn. We rijden aan de andere kant de snelweg weer op. Na een tijdje zien we toch een bord voor het centrum; waarschijnlijk nemen ze bij het opstellen van de route aan dat mensen vanuit Kaapstad komen. Vanaf hier is de routebeschrijving duidelijk genoeg en al snel rijden we langs de zee, waar ons hotel in de buurt zou moeten zitten. Na twee rondjes door de straat waar we moeten zijn, arriveren we om ongeveer 20:00u bij het hotel.

Uiteindelijk licht Port Elizabeth op uit de duisternis. ©Peter
We checken in en we krijgen de plaats te zien waar we onze tenten kunnen opzetten. Het grasveldje is groot genoeg voor twee tenten en ligt op een soort verhoging. Als we uit onze tent naar beneden zouden springen, liggen we in het zwembad. Het is wel een raar idee om midden in zo’n grote stad in Zuid-Afrika een tentje op te zetten. We gaan eten. Er zit een McDonald’s op loopafstand van het hotel en omdat je alles minstens één keer gedaan moet hebben in je leven, wagen we het erop om hier te gaan eten. Ongezond, maar zolang het maar vult. Als we onze authentiek smakende McDonald’s-maaltijd verorberd hebben, lopen we terug. De backpackers is gezelliger en drukker dan die in Melville. Binnen hangt een grote tv, waar rugby te zien is. Als we de beheerder van de backpackers vragen naar de uitslag van de vanmiddag gespeelde rugby-wedstrijd, reageert hij een beetje chagrijnig. We gaan slapen.